Zonet dus bijna haast m’n trein misgelopen door twee duidelijk niet aan vervoer per spoor gewend zijnde medereizigers die de vacantieperiode hadden aangegrepen om een dagje eropuit (voor de verandering) eens van dit transportmiddel gebruik te maken zonder zich enige rekenschap te geven van het op zichzelf weinig verheffende gegeven dat andere passagiers – in casu: ondergetekende – in hun noodzaak het woon-werkverkeer zo efficiënt mogelijk te laten verlopen een zekere doch krappe tijdsmarge in hun geoptimaliseerde ochtendroutine hadden ingebouwd hetgeen doorgaans zonder consequenties blijft doch evenwel deze ochtend door het getreuzel van voornoemde gelegenheidsreizigers onder spanning kwam te staan en zodoende welhaast er de oorzaak van was geweest dat de wagondeuren gesloten zouden zijn voordat deze doorgewinterde forens zijn voet op de treeplank had geplaatst, zich – nadat hij zich had vergewist van het feit dat hij reeds in bezit was van het juiste reisbiljet – in de oudroze kussens van zijn coupé had kunnen laten wegzinken en terwijl dit technisch mirakel, dit wonder der moderne tijd, dit culminatiepunt van vernuft zich zoevend door het vlakke landschap een weg baant, een evenredig eerbetoon aan dijkgraaf en pantograaf, overdenk ik het moment waarin deze volzin mij inviel en bovenal dat zij bijna een volstrekt diametraal tegengestelde wending had genomen omdat we nu eenmaal moeten accepteren dat in dit universum op een willekeurige woensdagochtend in juli er krachten aan het werk zijn die ons bevattingsvermogen te boven gaan.

Soms heb ik een mening en moet ik die ook nog kwijt. Zo schreef ik vorig najaar een zinnetje over de winterklaartest van NS;

En route met de fascistoïde NS die in al hun perversiteit juist vandaag een alternatieve dienstregeling uitproberen waardoor er geen rechtstreekse intercity-verbindingen tussen Nijmegen en Amsterdam mogelijk zijn, en in hun oneindige wijsheid wel vijf minuten wachten voordat de stoptrein(!) kan binnenrijden op station Arnhem zodat ik nog net de enige directe verbinding naar Amsterdam, de ICE uit Duitsland, zie wegrijden en derhalve nu gedwongen wordt te reizen via Wolfheze zonder uitzicht op hetzij gratis koffie of dan toch tenminste een stornering van mijn reiskosten daar deze een aangekondigde verstoring was en dientengevolge geen recht biedt op welke vergoeding dan ook, enkel op cumulatieve ergernissen en contemplatieve irritaties die ik ook nog geeneens kan uiten want het NS-personeel vertoont zich uit preventief lijfsbehoud wijselijk niet in de nabijheid van de nietsvermoedende licht-ontvlambare reizigers die op een dag als vandaag hun lot gedwee dragen bij gebrek aan alternatieven, opnieuw het openbaar vervoer vervloekend hoewel de gezamelijke NS- en Prorail-directeuren ongetwijfeld morgen of desnoods vanavond al via de media victorie kraaien over deze geldverslindende en ergerniswekkende experimenteerzucht van de beide voormalige staatsbedrijven die onder invloed van politieke dadendrang en liberale quasi-bevlogenheid door een zich socialist-noemende premier zijn geprivatiseerd op een moment dat aan de economische einder geen begrenzing leek te komen terwijl zij gespeend bleven van welke realiteitszin dan ook waardoor ik, in mijn persoonlijke misère en besognes dus nu gedwongen wordt langer in deze geelblauwe vervoermiddelen te verblijven dan mij lief is, onderwijl mijn lot overdenkend en mijzelve in vertwijfeling afvragend Waar Wij Het Allemaal Voor Doen.